In veertig dagen een leeg huis: dag 1

‘Gedenk, o mens, dat gij stof zijt, en tot stof zult wederkeren.’

Ik ben een vergankelijk mens – dat laat ik me nog vrijwillig zeggen ook. En met mij vele anderen die ook naar de Domkerk zijn gekomen om te horen dat ze tot stof zullen vergaan.

Vandaag is het Aswoensdag. De carnavalstijd is voorbij, de vastentijd breekt aan. Dat wordt gemarkeerd met de Aswoensdagviering in de kerk, waarbij de palmtakjes van Palmpasen van het vorige jaar worden verbrand. Met de as daarvan krijgen alle mensen een kruisje op het voorhoofd getekend. Daarbij zegt de voorganger de woorden: ‘Weet dat je stof bent, en tot stof zult wederkeren.’ Oftewel: besef dat je een kwetsbaar mens bent, en dat je het leven niet in eigen hand hebt.

Met die woorden begint de veertigdagentijd, een tijd van vasten. Veertig dagen duurt het tot het feest van Pasen, daarbij opgeteld nog de zes zondagen, waarop je niet hoeft te vasten. Dat vasten, dat is om die vergankelijkheid en die kwetsbaarheid tot je te laten doordringen. Je doet vrijwillig afstand van iets van je overvloed, om je te bezinnen op jezelf, op God en op de ander.

Vasten van spullen

Vasten kan op allerlei manieren. Sommigen vasten van social media, anderen van toetjes of tussendoortjes, weer anderen van alcohol of koffie, anderen leggen juist de focus op het welzijn van anderen en proberen in de Veertigdagentijd iets goeds te doen voor anderen.

Eelco en ik hebben deze Veertigdagentijd een andere focus. Wij ‘ontledigen’ ons huis en gaan ons ontdoen van zoveel mogelijk van onze spullen.

Rond Pasen gaan we namelijk verhuizen naar Engeland. Naar een gemeubileerd appartement. We nemen natuurlijk wel wat spullen mee, zoals kleding, kampeerspullen, wat boeken en keukengerei. En we slaan in Nederland de dingen op die we niet kwijt willen: bank, bed en boeken. Maar het meeste van wat we nu bezitten zullen we gaan verkopen of weggeven.

Een jaar aan voorbereiding

We beginnen niet out of the blue aan dit avontuur. Al jaren wisten we dat we na Eelco’s PHD naar het buitenland zouden gaan. Afgelopen jaar werd het concreet en kozen we voor Cambridge. Met het concreet worden van de plannen, werd ook onze blik op onze spullen anders. Als je weet dat je volgend jaar naar het buitenland verhuist, dan ga je niet meer investeren in mooie nieuwe meubels of grote keukenapparatuur. Daar moet je namelijk allemaal weer een plek voor vinden als je vertrekt.

Het afgelopen jaar hebben we dan ook geoefend in ‘minder kopen’. Geen nieuwe stoelen, ook al vinden we onze twee roodbruine fauteuils lelijk. Geen groot scherm waar we films op zouden kunnen kijken. Geen nieuwe kussens op de bank, geen frituurpan, geen nieuwe boeken (of nou ja, bij hoge uitzondering dan, als het écht een onmisbaar boek is!).

Automatisch veranderde ik ook mijn aanpak bij het kopen van kleding en schoenen. Waarom nieuwe sneakers als de oude nog prima zijn? Ik weet dat als ik eenmaal leuke nieuwe sneakers heb, ik de oude niet meer aan ga doen. En dan staan ze in de kast, en dan moet ik er iets mee als we gaan verhuizen. Geen nieuwe sneakers dus – ik loop nog steeds op mijn zwarte Nikes, die (helaas) onverwoestbaar zijn. Hetzelfde gold voor mijn rugzak, die ik al jaren eigenlijk niet meer zo mooi vond. Maar waarom zou je een nieuwe rugzak kopen, terwijl de oude nog goed is? Als je altijd toegeeft aan je nieuwe ideeën over wat mooi is, dan eindig je met een huis vol niet-opgebruikte nog-prima spullen. (De rugzak ging trouwens kapot – en nu loop ik trots met een prachtige nieuwe rond.)

Zo veranderde langzaam onze visie op bezittingen. Het was best confronterend om te merken hoe vaak je verleid wordt om nieuwe dingen te kopen, hoe verleidelijk het is om iets mooiers, nieuwers en leukers in je leven te halen, zonder dat je iets nodig hebt. Gelukkig merkte ik ook dat het steeds makkelijker werd om met die verleiding om te gaan. Zo’n duidelijk principe hebben geeft rust. Ik hoefde niet na te denken over of ik wel of niet iets nieuws zou kopen: als het niet acuut nodig was, dan kocht ik het niet.

En nu: het huis moet leeg

Nog anderhalve maand tot onze emigratie. In de afgelopen weken hebben we twee categorieën aangepakt: boeken en herinneringen. Over dat laatste: vooral ik heb er een handje van om allerlei dingen van vroeger te bewaren. Oude tentamens, collegeblokken, tekeningen, schriften, tijdschriften… Planken vol, waar ik nooit naar keek. Ik begon met opruimen en had één doel: al mijn herinneringen moeten in één doos passen. Zakken vol naar het oud papier, dozen vol mappen bij het vuilnis, met als resultaat: één doos en een stapeltje fotoalbums. Het voelde heerlijk en bevrijdend.

Afscheid nemen van boeken is minstens zo moeilijk. Er kleven herinneringen aan, of je denkt met weemoed aan het geld dat je ervoor betaald hebt. Maar boeken die in de kast staan zonder ooit aangeraakt te worden, waarvan je weet dat je ze je hele leven mee kunt slepen zonder dat je ze ooit nog inkijkt… dat heeft toch ook iets treurigs. Met onze nieuw verworven capaciteiten tot wegdoen hebben we een heleboel boeken gepromoveerd naar de categorie ‘kan weg’. Via bol.com weten we af en toe iets te verkopen, maar de meeste boeken zullen waarschijnlijk terechtkomen bij een tweedehandswinkel of de verkoping van de kerk van mijn ouders.

De volgende stap is: de meubels. In de komende weken gaan we langzaam wat spullen proberen te verkopen via Marktplaats of aan familie of vrienden. Onze mooie grote tafel, de (lelijke) fauteuils, vloerkleed, noem maar op. Alles moet weg.

In deze Veertigdagentijd houd ik jullie op de hoogte van de vorderingen. Op 1 april, Eerste Paasdag, is ons huis helemaal leeg!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s