Dag 40 – Stille Zaterdag

Stille Zaterdag is een dag van wachten. Het ergste is gebeurd, en Pasen is het nog niet. Ik hoorde eens iemand zeggen: ‘mijn geloof bevindt zich meestal op Stille Zaterdag, vaker dan op Paasochtend.’ En dat begrijp ik wel: wachten, uitzien en verlangen in de leegte – dat komt vaker voor dan de uitgesproken vreugde van Pasen. En tegelijkertijd zou ik nog wel beter willen worden in het echte feestvieren in de kerk, iets van die Paasvreugde met elkaar beleven.

Vanuit de veertigdagentijd stappen we dan morgen de vijftigdagentijd in: de vijftig dagen van Pasen. Tijd genoeg om die vreugde te oefenen.

Beluister hier de gesproken versie:

OPENING

Gezegend zijt Gij, God,
koning der wereld,
die de morgen ontbood
en het licht hebt geroepen,
zegen ook mij
met uw licht!

LIED

Nu valt de nacht.
Het is volbracht:
de Heer heeft heel zijn leven
voor het menselijk geslacht
in Gods hand gegeven.

(Tekst: Jan Wit, Ad den Besten / Melodie: Mainz 1628 / Uitgevoerd door: Karel van Ingen)

LEZING

Marcus 14:40-47
Van een afstand keken ook enkele vrouwen toe, onder wie Maria uit Magdala en Maria de moeder van Jakobus de jongere en van Joses, en Salome. Toen hij in Galilea verbleef, waren deze vrouwen hem gevolgd en hadden ze voor hem gezorgd, net als vele andere vrouwen die met hem waren meegereisd naar Jeruzalem. Toen de avond al gevallen was (het was de ‘voorbereidingsdag’, dat wil zeggen de dag voor de sabbat), kwam Josef van Arimatea, een vooraanstaand raadsheer, die zelf ook de komst van het koninkrijk van God verwachtte. Hij raapte al zijn moed bijeen en ging naar Pilatus, die hij om het lichaam van Jezus vroeg. Het bevreemdde Pilatus dat hij al dood zou zijn en hij riep de centurio bij zich, aan wie hij vroeg of Jezus al gestorven was, en toen de centurio dat bevestigd had, gaf hij het lijk aan Josef. Josef kocht een stuk linnen, haalde Jezus van het kruis en wikkelde hem in het linnen. Daarna legde hij hem in een graf dat in de rots was uitgehouwen en rolde een steen voor de ingang. Maria uit Magdala en Maria de moeder van Joses keken toe in welk graf hij werd gelegd.

STILTE

GEBED

In mijn nood roep ik de HEER aan
en hij antwoordt mij.
Uit het rijk van de dood schreeuw ik om hulp –
u hoort mijn stem!

U slingerde mij de diepte in, naar het hart van de zee.
Door kolkend water ben ik omgeven,
zwaar slaan uw golven over mij heen.

Ik dacht: Verstoten ben ik, verbannen uit uw ogen.
Maar eens zal ik opnieuw
uw heilige tempel aanschouwen.

Het water stijgt tot aan mijn lippen,
muren van water storten op mij neer,
zeewier om mijn hoofd verstikt mij.

Ik zink tot de bodem, waar de bergen oprijzen,
naar het rijk dat zijn grendels voorgoed achter mij sluit.
Maar u trekt mij levend uit de dood omhoog,
o HEER, mijn God!

Nu mijn levensadem mij verlaat
roep ik u aan, HEER,
en mijn gebed komt tot u
in uw heilige tempel.

Zij die armzalige afgoden vereren,
verlaten u, trouwe God.

Maar ik zal mijn stem in dank verheffen
en u offers brengen;
mijn geloften los ik in.
Het is de HEER die redt!’

(Gebed uit: Jona 2)

ZEGEN

Voor wie roepen om vrede,
van gerechtigheid dromen:
met vrede gegroet en gezegend met licht!

Voor wie wachten in vertrouwen
dat de liefde zal blijven:
met vrede gegroet en gezegend met licht!

(Lied 430 / Tekst: Sytze de Vries)

Een gedachte over “Dag 40 – Stille Zaterdag

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s